Stap 1: Schoffelen tussen de rijen
Een eerste doorgang met een schoffelmachine, uitgerust met camerabesturing, maakte het mogelijk om:
- De verharde bodemoppervlakte na de winter los te maken
- Onkruid tussen de rijen te verwijderen
- De bodem te verluchten en het uitdrogen van de onkruiden te bevorderen
Na deze eerste bewerking werd één dag droogtijd voorzien om de efficiëntie van de volgende interventies te optimaliseren.

Stap 2: Bewerking in de rij
In deze fase werden twee werktuigen parallel getest:
- Een wiedeg
- Een rotowiedeg
Het doel van deze bewerking is om de onkruiden in de graanrij aan te pakken - zones die de schoffelmachine niet bereikt omdat deze enkel tussen de rijen werkt. Er werden verschillende afstellingen getest, zoals:
- De spanning op de tanden (balans tussen agressiviteit tegenover onkruid en respect voor het gewas)
- Een hogere werksnelheid om de effectiviteit te vergroten


Eerste veldobservaties
- De voorafgaande schoffelbewerking tussen de rij bleek cruciaal: zonder deze stap was de bodem te hard, waardoor de wiedeg en rotowiedeg onvoldoende konden indringen en dus niet efficiënt werkten.
- Na het schoffelen leverden beide werktuigen in de rij zeer bevredigende resultaten op. De komende weken volgt verdere monitoring.
De wiedeg lijkt fijnere kluiten te produceren, wat zorgt voor een beter verkruimelingseffect en mogelijk een sneller uitdrogen van de onkruiden (een hypothese die nog moet worden bevestigd). De rotowiedeg werkte eveneens efficiënt, al veroorzaakte die iets grotere kluiten, waardoor de graanrijen meer bedekt raakten. Dit leek op dit moment echter geen nadelig effect te hebben: de granen konden nog steeds door deze bedekking heen groeien.
Voorafgaande evaluatie: juiste timing en omstandigheden
Voor de uitvoering van deze interventies, beoordeelden de partners en de landbouwer samen verschillende parameters om het optimale moment te bepalen:
- Geschikte weersomstandigheden: werken bij droog weer, met minstens één zonnige dag nadien om onkruiden te laten uitdrogen en hergroei te vermijden.
- Juiste ontwikkelingsstadia: jonge, gevoelige onkruiden aanpakken, met respect voor het stadium van het gewas (voorafgaande terreinbezoeken).
- Combinatie van interventies: verschillende werktuigen inzetten afhankelijk van bodemtoestand en ontwikkeling van gewas en onkruiden.
Tijdens de werkzaamheden blijft observatie essentieel. Zo werd een extra test uitgevoerd in een perceel met veldbonen. Het schoffelen werkte daar goed, maar de veldbonen stonden al te ver in ontwikkeling en waren te kwetsbaar voor een bewerking met de wiedeg of rotowiedeg. Daarom werd besloten om het bij de schoffelbewerking te houden, ook al konden de onkruiden op de rij niet worden aangepakt.
Wij danken de heer Tellier van harte voor zijn beschikbaarheid en zijn betrokkenheid bij de uitvoering van deze eerste terreinactie binnen het AgriClimate‑project.
Algemene inzichten en vooruitblik
Binnen het AgriClimate-project zullen in totaal 14 concrete innovaties worden uitgevoerd, opgevolgd en gedocumenteerd om de veerkracht van landbouwbedrijven te versterken en hun ecologische voetafdruk te verbeteren.
De volgende stap is de aanleg van een maïsperceel in TCS (gereduceerde bodembewerking). Hiervoor wordt een strip-till ingezet voor de bodemvoorbereiding. Na het zaaien worden de eerste bevindingen opnieuw gedeeld.