Wat kost de klimaattransitie écht op het landbouwbedrijf?

Hoe kan de koolstofvoetafdruk van landbouwbedrijven worden verkleind zonder dat dit ten koste gaat van het bedrijfsinkomen? Deze vraag houdt de landbouwsector bezig, maar er ontbreken nog steeds geharmoniseerde referentiewaarden om hierop een antwoord te geven.

Dat is precies wat AgriClimate beoogt, een nieuw Interreg-project waarin vier regio's –Wallonië, Vlaanderen, Hauts-de-France en Grand Est (departementen Marne en Ardennes) – en dertien partners samenwerken. Het doel: via grensoverschrijdende uitwisseling de werkelijke kosten van de klimaattransitie in de landbouw evalueren. Hiervoor wordt gebruik gemaakt van de complementariteit inzake expertise van de verschillende bedrijfstakken. Verschillende omstandigheden, maar één en dezelfde dringende uitdaging: het hoofd bieden aan de klimaatverandering.

Meten, vergelijken, harmoniseren

Het project, dat vier jaar loopt, richt zich op verschillende belangrijke vraagstukken: rentabiliteit en veerkracht van landbouwbedrijven, de uitstoot van broeikasgassen meten, en methodes om zich aan de klimaatverandering aan te passen en/of de gevolgen te verzachten. Het project is uniek door de grensoverschrijdende aanpak: kennis delen, methodieken uitwisselen en tools die vaak van regio tot regio verschillen, op elkaar afstemmen.

De werkgroep die zich bezighoudt met de economische valorisatie van goede milieupraktijken en de hefbomen voor het nemen van maatregelen is de draaischijf van het project. Deze werkgroep heeft in de eerste plaats tot doel de kosten voor de implementatie van de hefbomen te berekenen, waarbij niet alleen de begeleidingskosten, maar ook de technische en economische risico's worden meegerekend. Ook sociale effecten, zoals de werkdruk, de behoefte aan opleiding of de zwaarte van het werk, worden in rekening gebracht.

Door de bestaande technische en economische referentiewaarden in elke regio te verzamelen en aan te passen, zullen de partners een gemeenschappelijk instrument ontwikkelen waarmee voor elke praktijk een duidelijke indicator kan worden berekend: de kosten in euro per ton vermeden/opgeslagen koolstof op bedrijfsniveau. Dit instrument zal op 35 pilootboerderijen worden getest om de doeltreffendheid en gebruiksvriendelijkheid ervan te verzekeren.

Op termijn zal het een antwoord bieden op een cruciale vraag: wat is de werkelijke prijs van de klimaattransitie van de landbouw in Wallonië, Vlaanderen en Frankrijk?

De financieringsmechanismen

Tijdens de tweede fase van het project zullen de bestaande financieringsmechanismen in de vier regio's worden geanalyseerd en vergeleken. Een tweede tool zal het mogelijk maken om de meest relevante financieringsmechanismen en -combinaties te identificeren op basis van het bedrijfsprofiel, waardoor landbouwers gemakkelijker kunnen worden begeleid in de richting van oplossingen die het best bij hun situatie passen.

Een grensoverschrijdend netwerk in ontwikkeling

AgriClimate kan rekenen op een groeiend netwerk van onderzoekers, adviseurs, landbouwers en veldwerkers. Gedurende het project zullen er grensoverschrijdende evenementen worden georganiseerd: het eerste vond begin november plaats in Wallonië, het volgende staat gepland voor 2026. Wie zich bij het netwerk wil aansluiten, kan zijn gegevens achterlaten via het daartoe bestemde formulier

Laat hier je gegevens achter

 

AgriClimate partners op de startbijeenkomst, februari 2025

Meer info?

Contacteer de projectmedwerkers voor al jouw vragen.

  • Nederlands : Evelien Lambrecht - Adviseur business development (Inagro)
    Tel. (+32) 51 14 03 49
    evelien.lambrecht@inagro.be
  • Frans : Lucie Darms – Adviseur Milieu & Klimaat (FWA)
    Tel. (+32) 476 84 27 76
    Lucie.darms@fwa.be
Gepubliceerd op 17 december 2025